Breed ontsluiten
WDOO verzorgt de actieve laag van het netwerk en kan desgewenst de gebiedsontwikkeling en de uiteindelijke exploitatie voor initiatiefnemers verzorgen.
Door OpenNet niet alleen toegankelijk te maken in de stedelijke gebieden maar ook in de buitengebieden, wordt de leefbaarheid van zowel het platteland als de stad vergroot.
Immers, als iedereen gelijke toegang tot een telecommunicatienetwerk heeft, dan komen ook andere vestigingsmogelijkheden binnen het bereik. Dit bevordert de welvaart en het welzijn van mensen. Ondernemers krijgen meer mogelijkheden om zich te vestigen in een regio naar keuze. En omdat iedereen op hetzelfde netwerk aanwezig is, kunnen bijvoorbeeld diensten op het gebied van zorg, onderwijs en gemeentelijke diensten eenvoudig verwezenlijkt worden.
Kortom, de buitengebieden ontsluiten maakt maatschappelijk breed gebruik van hoogwaardige telecommunicatiediensten via OpenNet bereikbaar en betaalbaar.
Afspraken over het gebruik
OpenNet is kort gezegd een telecommunicatienetwerk waarbinnen andere afspraken zijn gemaakt over het gebruik dan binnen andere breedbandnetwerken het geval is. Zo gelden voor iedere aanbieder dezelfde aansluitvoorwaarden. De aanbieders concurreren op basis van prijs en samenstelling van het aanbod en op basis van hun dienstverlening. Ze hoeven niet te investeren in het netwerk. Zo wordt het netwerk ook voor relatief kleine aanbieders toegankelijk.
Door deze werkwijze krijgt het begrip ‘consumentenmacht’ weer betekenis. Immers, men kan van aanbieder veranderen zonder het netwerk te verlaten. Keuzevrijheid en het gemak waarmee de consument van aanbieder kan veranderen, dagen aanbieders uit alternatieve diensten te ontwikkelen en optimale kwaliteit te bieden.
Iedereen kan eenvoudig toegang krijgen tot OpenNet. Dit leidt ertoe dat diensten voor onder andere de zorg, het onderwijs en de overheid een groter afnamebereik krijgen. Hierdoor worden bijvoorbeeld de afname en het gebruik van e-services voor bovengenoemde diensten gestimuleerd.
Bepalende factoren
Van invloed en ter overweging zijn:
- Het financieren van de investering kan soms met behulp van Europese subsidies. De digitale Agenda EU stelt instrumenten beschikbaar aan gemeenten
- Gebruik maken van bestaande coöperatieve verbanden heeft al een goede graad van organisatie in zich. Het hebben van een collectieve stuurgroep (of een andere vorm van organisatie en samenwerking) met enige kennis van telecommunicatie werkt bevorderend
- Het investeringsbedrag op een pand voor een ontsluiting zoals hierboven beschreven, is minimaal ten opzichte van het geld dat in een onderneming rondgaat of dat gemoeid is met de aanschaf van een woning
- Het heft in eigen handen nemen vergt weliswaar veel tijd maar leidt tot een positieve ontwikkeling waarbij men resultaat boekt op het gebied van duurzaamheid en maatschappelijke betrokkenheid
De OpenNet-formule maakt breedbandonsluiting mede bereikbaar.
Op weg en dan……
OpenNets’ moederbedrijf WDOO ondersteunt bestaande initiatieven op het gebied van breedbandontsluiting met inzichten en workshops. Eerst wordt een goede gemeenschappelijke informatiebasis (sociaal netwerk) geschapen.
Het eigenaarschap en de investeringen in het passieve deel van het netwerk worden ondergebracht bij het initiatief zelf. Dit betekent dat een gezonde mix van investeerders aangezocht moet worden. Hoe dichter de investeerders met het gebruik van het netwerk samenvallen, des te gunstiger de financieringsvoorwaarden zijn.
WDOO verzorgt de actieve laag van het netwerk en de uiteindelijke exploitatie. De gebiedsontwikkeling wordt samen met de initiatiefnemers opgepakt.
Meer weten? We leggen OpenNet graag aan u uit. Contact
De kracht van samen
Buitengebieden samen met ‘binnengebieden’ ontsluiten heeft de voorkeur. Buitengebieden, gebieden buiten de bebouwde kom, vergen bij aanleg van het netwerk een grotere investering per pand omdat de afstanden om het pand te bereiken groter zijn.
Daar staat tegenover dat het OpenNet-principe de maatschappelijk baten ‘voor iedereen’ voorop stelt. Het collectieve belang om breedbandontsluiting in dorps-, wijk- of stadsverband op te pakken, leidt tot voordeel voor alle betrokkenen. Gemeenschappelijke breedbandontsluiting vergt dan ook een investeringsopvatting die zijn oorsprong kent in coöperatievorming, zoals destijds werd toegepast in landbouwcoöperaties.
Deze benadering leidt tot een netwerk ‘door en voor elkaar’ waarbinnen lokale invloed, nieuwe mogelijkheden en vrije keuze tot volle bloei komen. Deze electronische infrastructuur verdient dan ook dezelfde aandacht als bijvoorbeeld de wegeninfrastructuur. Het is een economische motor.
